Kennisbank

Hoe observeer je handelen zonder de student te sturen?

Beschrijf neutrale observatie en de grens tussen informeren en helpen. Voor het mbo.

Beschrijf neutrale observatie en de grens tussen informeren en helpen.

In het kort

Observeer bij een praktijkexamen wat de student doet, niet wat je verwacht dat hij zal doen. Kies een positie vanwaar de relevante handelingen zichtbaar zijn, noteer feitelijke waarnemingen en koppel ze pas daarna aan de criteria. Een uitleg over veiligheid of organisatie kan nodig zijn; inhoudelijke aanwijzingen tijdens het werk kunnen de beoordeling beïnvloeden. De afnameinstructie bepaalt de grens.

  • Bepaal vooraf welke handelingen zichtbaar moeten zijn voor de beoordelingscriteria.
  • Noteer concreet gedrag en onderscheid een waarneming van een interpretatie.
  • Geef tijdens het werk geen inhoudelijke aanwijzingen die de prestatie sturen.
  • Registreer veiligheidsingrepen en toegestane verduidelijkingsvragen afzonderlijk.

Bereid de observatie voor

Lees de opdracht en markeer welke handelingen of resultaten tijdens de uitvoering zichtbaar moeten zijn. Kijk vervolgens of de locatie die waarneming mogelijk maakt. Een beoordelaar die achteraf alleen het eindproduct ziet, kan niet zonder meer oordelen over een procescriterium. Spreek daarom vooraf af waar de beoordelaar staat, welke momenten extra aandacht vragen en hoe observaties worden vastgelegd. [1]

Bij een praktijkexamen ontstaat bewijs tijdens de afname. Dat betekent niet dat de beoordelaar de student voortdurend volgt of onderbreekt. De juiste afstand hangt af van de taak, veiligheid en instructie. Een goede voorbereiding van examenlocatie en materialen helpt om de beoordelaar een bruikbare positie te geven zonder in de werkroute van de student te staan.

Beschrijf gedrag in plaats van indruk

Schrijf wat je zag of hoorde: een controle, een keuze, een fout, een herstelactie of een zichtbaar resultaat. Voeg zo nodig tijdstip of stap van de opdracht toe. ‘Student controleerde onderdeel A voordat hij verderging’ is concreter dan ‘student werkte zorgvuldig’. Die tweede zin kan een conclusie zijn, maar heeft een feitelijke basis nodig. Maak notities tijdens of kort na de waarneming volgens de afnameafspraken; op geheugen alleen is later lastig te reconstrueren welk criterium werd geraakt.

Let op het verschil tussen niet gezien en niet gedaan. Soms is een handeling buiten zicht uitgevoerd, soms is er geen gelegenheid geweest om haar te tonen. Noteer dat verschil. Vul een ontbrekende observatie niet in op grond van een goed eindresultaat. De voorgeschreven beoordelingsregels bepalen hoe met onvoldoende zichtbare prestaties wordt omgegaan. [1]

Laat de student zelf kiezen

Een beoordelaar kan een opdracht uitreiken en procedurele vragen beantwoorden als de instructie daarin voorziet. Vermijd aanwijzingen over de inhoudelijke aanpak: ‘Kijk nog eens naar stap twee’ kan een student naar een oplossing sturen. Ook een bevestigend knikje of een opmerking als ‘goed zo’ kan het werk beïnvloeden. Spreek met alle betrokkenen af wie vragen mag beantwoorden en welke antwoorden uitsluitend procedureel zijn.

Veiligheid kan ingrijpen noodzakelijk maken. Stop of corrigeer dan volgens de veiligheids- en examenafspraken en registreer wat er gebeurde. Een veiligheidsingreep is geen normale beoordelingsvraag; ze kan het vervolg van de afname beïnvloeden. Laat de bevoegde personen beoordelen of het examen onder dezelfde condities kan doorgaan. Het belang van veilig handelen rechtvaardigt geen stilzwijgende wijziging van de opdracht.

Houd vragen bij de opdracht

Soms laat de exameninstructie een verduidelijkingsvraag toe. Vraag dan wat de student heeft gedaan of bedoeld, zonder een antwoord voor te zeggen. Noteer de vraag en het antwoord apart van de observatie. Zo is zichtbaar welk bewijs tijdens het handelen ontstond en wat later werd toegelicht. Een extra mondeling examen toevoegen omdat een handeling niet goed zichtbaar was, mag niet automatisch; de instructie moet daarvoor ruimte geven.

Aan het einde onderscheid je observaties over het proces en vaststellingen over het resultaat. Een eindproduct toont niet elk besluit onderweg; een soepel proces garandeert niet dat het product aan de eisen voldoet. Het artikel proces en eindproduct beoordelen werkt dit onderscheid uit. Pas pas daarna het beoordelingsmodel toe. Een neutrale observatie helpt de student omdat zijn eigen prestatie centraal blijft en helpt de beoordelaar omdat de beslissing toetsbaar wordt.

Oefen feitelijke notities vooraf

Beoordelaars kunnen een korte oefening doen met een neutrale beschrijving van een handeling. Schrijf eerst letterlijk op wat zichtbaar was en markeer daarna welke woorden al een oordeel bevatten. ‘Student koos optie A na controle van document B’ is observeerbaar; ‘student dacht goed na’ is een interpretatie. Bespreek vervolgens welk criterium door die waarneming geraakt wordt. Deze oefening helpt vooral wanneer meerdere beoordelaars hetzelfde examen afnemen. Zij hoeven niet identieke zinnen te schrijven, maar moeten wel onderscheid maken tussen wat zij zagen en wat zij daaruit concluderen. Gebruik bij de echte afname het voorgeschreven formulier.

Bronnen

  1. Regeling standaarden examenkwaliteit beroepsonderwijs 2021; Kennispunt Onderwijs & Examinering, Checklist examensetting en afnamecondities voorafgaand aan examen. Productspecifieke observatie- en veiligheidsafspraken zijn leidend.